Tier3 en Tier4 datacenters in Nederland uitgelegd: wat is het verschil?

Datacenters Tiers geven de garanties en redundantie van een datacenter aan. Hoe hoger de classificatie, hoe beter de beschikbaarheid van het datacenter is. In dit artikel leggen we uit welke datacenters Tiers er zijn en wat de verschillen zijn.

Geschreven door
Iris Nicolaas
&
Geplaatst op
13
-
04
-
2022
2024
Geschreven door
Iris Nicolaas
&
Geplaatst op
13
-
04
-
2022
2024

Datacenter Tier-classificatie

Om te toetsen hoe goed de beschikbaarheid van een datacenter is, is de Amerikaanse norm TIA-942 in 2005 opgesteld door het Uptime Institute. Het classificeert datacenters in vier niveaus: Tier1 (Basis capacity), Tier2 (Redundancy of major components), Tier3 (Concurrently maintainable) en Tier4 (Fault tolerant). Deze Tiers geven de garanties en redundantie aan. Hoe hoger de classificatie, hoe beter de beschikbaarheid van het datacenter is. Elke Tier (laag) bouwt daarbij voort op de vorige laag: zo bevat Tier4 alle onderdelen van Tier1, Tier2 en Tier3 plus nog een aantal additionele eisen.

De vier verschillende Tiers

Tier1
Dit is de simpelste uitvoering en de basis waaraan elk datacenter moet voldoen. Er is één energieleverancier, één UPS (Uninterruptible Power Supply) en één voeding naar de componenten (CRVK-1). Er is dus geen sprake van redundantie. Mocht er, geplande of ongeplande, uitval zijn dan leidt dit tot downtime.

Tier2
Tier2 is iets uitgebreider. Hier is sprake van één energieleverancier, één NSA (noodstroomaggregaat), één USP en één voeding naar de componenten. Bij een eventuele stroomuitval kan de NSA ingezet worden. Toch zijn niet alle onderdelen redundant, waardoor downtime nog steeds aanwezig is bij onderhoud of uitval.

Tier3
Bij Tier3 is er redundantie van de installaties en componenten. Er zijn twee energieleveranciers, twee keer een NSA, twee keer een UPS en twee voedingen naar de componenten. Hierbij is steeds slechts één pad actief. Bij onderhoud of uitval wordt het andere pad actief en heeft dit geen invloed op de beschikbaarheid.

Tier4
Bij Tier4 is er sprake van volledige redundantie. Er zijn twee energieleveranciers, twee keer NSA, twee keer UPS en twee voedingen naar de componenten. Het grote verschil met tier 3 is dat bij tier 4 beide paden de helft van het vermogen leveren. Bij uitval of onderhoud levert het ander pad dan het totale vermogen.

Tier-classificaties in Nederlandse datacenters

De Tier-classificaties zijn gebaseerd op Amerikaanse maatstaven. Nederlandse datacenters zijn iets anders ingericht en daarom is de classificatie lastiger. Tier1 en Tier2 zijn makkelijk te realiseren in Nederland. En doordat het realiseren van 99,99% beschikbaarheid in Nederland mogelijk is, komen ook Tier3 datacenters hier voor. Tier4 datacenters zijn er in Nederland niet, omdat bij Tier4 de stroomlevering via twee geheel gescheiden paden moet worden geleverd. In Nederland hebben we één infrastructuur voor het stoomnetwerk, waardoor dit onmogelijk is.

Wat is een Tier3+ datacenter?

Fundaments werkt uitsluitend vanuit Tier3+ datacenters. Een Tier3+ datacenter is op dit moment de hoogst haalbare klasse voor een Nederlands datacenter. In zo’n datacenter is namelijk aan alles qua beveiliging gedacht, zo is er gegarandeerde stroomvoorziening, inbraakbeveiliging, water- en branddetectie en klimaatregeling.

Al deze onderdelen moeten volledig zijn geïmplementeerd. Qua beveiliging houdt dit in dat er al een controle aan de poort wordt gedaan: een niet geregistreerde bezoeker moet eerst een registratie en autorisatieprocedure door. Zonder goedkeuring vanuit een door Fundaments geautoriseerd persoon kan de toegang niet plaatsvinden. Daarnaast moet te allen tijde duidelijk zijn wie, wanneer, waar het datacenter binnenkomt. Uiteraard moet dit ook 24x7 gemonitord worden en daarom vereisen we altijd dat er lokaal een bewakingscontrole is met een bemande toegangsdesk. Daarnaast worden er meervoudige toegangsfactoren gebruikt, zoals vingerafdrukken, irisscans of handscans.

Maar naast de veiligheid, moeten de cruciale factoren voor het goed kunnen laten werken van de hardware ook in orde zijn. Denk hierbij aan stroom. Naast dat er minimaal twee verschillende stroomfeeds worden gebruikt, dienen deze ook uniek te worden beveiligd met UPS-beveiliging. Dit is, om naast stroompieken op te vangen, ook een stabiele stroom te kunnen leveren. Daarnaast moet ook bij uitval van de stroomtoevoer voldoende generatorcapaciteit beschikbaar zijn, geleverd met diesel generatoren.

Het laatste onderdeel binnen het datacenter wat de kwaliteit betreft is het klimaat. Uiteraard moet de koeling in orde zijn, daarbij zien we dat temperatuur niet per se laag moet zijn, maar vooral stabiel. Er is nog meer: de luchtvochtigheid moet goed gemeten worden en ook stabiel zijn. Wanneer dit goed gemeten en gecontroleerd wordt, is ook het risico voor de grootste nachtmerrie, brand, goed in de grip. De Tier3+ datacenters van Fundaments gebruiken daarin sensoren die lokaal meten naar de luchtsamenstelling; wanneer daar verhoogde niveaus in zitten die indicatie van een kortsluiting of een beginnende brand geven, kan een begin van een catastrofe snel worden gedetecteerd en worden gemitigeerd. Daarnaast is de blusmogelijkheid ook van belang; door te werken met argongas kan heel snel het zuurstofniveau in een datazaal worden verlaagd, waarmee een brand snel kan worden gedoofd. Deze maatregel is een laatste redmiddel, maar zorgt er wel voor dat de infrastructuur niet beschadigd raakt.

Zoals beschreven, zijn er veel onderdelen die de kwaliteit van een datacenter bepalen. Fundaments voert daar nog een eigen kwaliteit aan toe in haar eisenlijst: de efficiëntie van een datacenter, deze wordt uitgedrukt in de PUE-waarde (Power Usage Efficiency). Deze waarde geeft aan hoeveel energie gebruikt moet worden om het datacenter te kunnen draaien.

No items found.
No items found.
No items found.